Het weer in Woerden

Mees Weststrate
Door:
Mees
Weststrate

Wolken en later zon

Het is vandaag wisselend bewolkt en we zien brede opklaringen. Daarnaast valt er nog een bui. De vrij krachtige wind komt uit het noordwesten. Het kwik loopt op naar 10°C. In de nacht eerst opklaringen maar later raakt het bewolkt. De temperatuur daalt naar 4°C. Dinsdag is het bewolkt en pas later in de middag zien we nog even de zon. De matige wind is noordwest. De temperatuur wordt 10°C.

Foto: Mees - Voorjaar in het Groene Hart.

meesj737

Grote verschillen politieke partijen waterschap (achtergrondartikel)

Logo Stichtse RijnlandenEr zijn grote verschillen tussen de tien politieke partijen die meedoen met de verkiezingen voor het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden.

Dit blijkt uit een inventarisatie door RPL Woerden. De verschillen zijn vooral zichtbaar bij het onderwerp 'bodemdaling'. Water Natuurlijk, momenteel de grootste partij in het bestuur van het Hoogheemraadschap, vindt het niet langer vanzelfsprekend dat het waterpeil omlaag gaat als de bodem daalt. De Partij voor de Dieren vindt een hoger waterpeil wenselijk.

Andere partijen, zoals de VVD, het CDA en de PvdA wegen de belangen van de landbouw zwaarder mee, of willen nog afwachten wat lopende experimenten opleveren.

Hieronder een uitgebreid artikel over bodemdaling met aan het eind de standpunten van alle partijen.

Bodemdaling en verkiezingen waterschap

Op 20 maart a.s. zijn de verkiezingen voor Provinciale Staten maar ook voor het bestuur van het waterschap, Het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR). De verkiezingen voor het waterschap zijn niet alleen van belang voor agrariërs die direct te maken hebben met waterwegen, sloten en dijken. Ook voor de inwoners van stedelijk gebied zijn de keuzes die door het bestuur van waterschap gemaakt worden van belang. Het gaat rond Woerden en andere gemeenten in het Groene Hart niet alleen om veiligheid en schoon water. Het gaat ook om besluiten die gevolgen hebben voor de bodemdaling die optreedt in het veenweidegebied in en rond steden en kleinere woonkernen.


Over bodemdaling

De bodem daalt in de laagste gebieden van Nederland. In veenweide-gebieden daalt de bodem elk jaar ongeveer 1 centimeter, op sommige plaatsen meer, tot 3 centimeter. Dit proces is al eeuwenlang aan de gang, vanaf het moment dat de veengebieden rondom Woerden werden ontwatert en ontgonnen. Volgens Hoogheemraad Bernard de Jong is de bodem rond de Grecht al 4-5 meter gedaald.

Het gevolg ervan is dat de polders inmiddels veel lager liggen dan de waterwegen erom heen, en dat de polders in periodes met wateroverschot constant bemalen moeten worden om het teveel aan water af te voeren. Vroeger gebeurde dat met windmolens, tegenwoordig met gemalen. Het waterschap is er verantwoordelijk voor dat het polderpeil (de hoogte van het water in een polder) op de juiste hoogte wordt gehouden. Het voldoende laag houden van het polderpeil is nodig om te voorkomen dat de weilanden te nat worden.

Figuur 1 Gemalen HDSR rondom Woerden (bron: HDSR)

11 gemalen rond woerden HDSR

Het waterschap houdt via het peilbeheer de grondwaterstand meerdere decimeters tot soms meer dan een meter onder het maaiveld, zo schrijft het Planbureau voor de leefomgeving. 

Door het kunstmatig laag houden van het polderpeil gaat echter de bodem inklinken. De zachte veengrond zakt in, maar ook oxideert het veen onder invloed van zuurstof in de lucht. Daardoor daalt de bodem. Dit is een onomkeerbaar proces. Maar ook komt er CO2 bij vrij, wat bijdraagt aan de klimaatverandering.

Het inkrimpen van de bodem komt door een lage grondwaterstand. Dat kan voorkomen door een periode van droogte, zoals tijdens de zomer van 2018. Maar door het peilbeheer van oppervlaktewateren (zoals de sloten) en door drainage van landbouwpercelen wordt de grondwaterstand ook beïnvloed, aldus Minister Van Nieuwenhuizen Wijbenga in een brief aan de Tweede Kamer in januari dit jaar. Om de weilanden droog te houden verlaagt het hoogheemraadschap ongeveer elke 10 jaar het peil in de sloten. Door de verlaging van dat peil treedt onvermijdelijk ook een verlaging van de grondwaterstand op, en daarmee vervolgens bodemdaling. De rol van het waterschap verandert wel, zo wordt bodemdaling steeds meer een speerpunt, naast de traditionele thema’s schoon water, stevige dijken en droge voeten (voor de koeien en de mensen). Het Hoogheemraadschap doet dan ook mee aan onderzoek en pilots om de bodemdaling te beperken.

Samenvattend: het verzakken van de bodem komt door periodes met droogte, maar ook door het onttrekken van water aan de bodem ten behoeve van de landbouw. Dat is op korte termijn prettig voor de boeren, maar veen dat droog komt te staan klinkt verder in en wordt bovendien afgebroken. Het onttrekken van water is daardoor een recept voor verdere bodemdaling. En als de bodem daalt moet er weer meer water worden weggepompt, en zo ontstaat een negatieve spiraal.

Gevolgen van bodemdaling voor de fundering van woningen

De bodemdaling in het Groene Hart kan tot gevolg hebben dat huizen verzakken. Volgens een artikel in NRC Handelsblad zou het daarbij gaan om een miljoen huizen, onder andere op veengrond zoals dat voorkomt rondom Woerden. Het college van B&W van Woerden weet niet om hoeveel woningen in Woerden het gaat, maar dat het ook in deze gemeente optreedt is wel duidelijk.

In bebouwd gebied komt de bodemdaling niet alleen door de verlaging van het grondwater, maar is het vooral een gevolg van bodemzetting. Het KennisCentrum Aanpak Funderingsproblematiek (KCAF) geeft als oorzaak hiervan dat de veengrond zwaar belast wordt door wat erop gebouwd is.

Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving gaat de zetting in bebouwd gebied langzamer dan de bodemdaling door ontwatering en zou ongeveer 2 millimeter per jaar bedragen. Dat lijkt weinig, maar is in 25 jaar toch 13 centimeter. Zo een zetting, zeker als die niet gelijkmatig is, kan voor een woonhuis ernstige gevolgen hebben. Vooral in de historische binnenstad van Gouda treden momenteel zettingsproblemen op.

Maar ook voor Woerden bestaan zorgen. Het KCAF heeft een landelijke kaart gepubliceerd met de risicogebieden voor bodemdaling. Voor Woerden en omliggende kernen is de situatie als hieronder afgebeeld. Woningen die gebouwd zijn voor 1970 lopen een risico op funderingsproblematiek in kwetsbare gebieden. De gebieden met 80-100% van dit type woningen zijn in de kaarten donkerpaars. In de lichtere gebieden is het percentage woningen uit die periode kleiner. Uit de kaarten blijkt dat in geheel Woerden, maar ook in Harmelen, Zegveld en Kamerik/Kanis overal woningen zijn die problemen kunnen krijgen met de fundering door de bodemdaling. Problemen kunnen zowel optreden bij woningen op palen als bij woningen die op staal zijn gefundeerd. Het kan gaan om verzakking van de fundering, maar ook om paalrot.

Wisselende grondwaterstanden kunnen leiden tot paalrot bij woningen in gebieden met een hoge grondwaterstand. Particuliere woningeigenaren hebben hierop geen invloed, maar ondervinden wel de financiële gevolgen. Helaas is door het Planbureau van de Leefomgeving in hun onderzoek in 2016 niet gedetailleerd gekeken naar de effecten van het grondwater in stedelijk gebied.

Figuur 2 Risicogebieden voor problemen met fundering in stedelijk gebied Woerden

11 funderingskaart woerden

Legenda

11 funderingskaart legenda


Figuur 3 Risicogebieden voor problemen met fundering in Harmelen

 11 funderingskaart harmelen

Figuur 4 Risicogebieden voor problemen met fundering in Kamerik en Kanis

11 funderingskaart kanis kamerik

 

Figuur 5 Risicogebieden voor problemen met fundering in Zegveld

11 funderingskaart zegveld
 

Andere gevolgen

De bodemdaling kan in stedelijk gebied nog vele andere gevolgen hebben. Zo kan door het verzakken van ondergrondse infrastructuur, denk bijvoorbeeld aan de riolering, deze afbreken op punten waar de buis aan een gebouwen vastzit. Ook kan het effect hebben op de ligging van wegen.

Als er niets wordt gedaan aan de bodemdaling, stijgen de beheerkosten voor waterschappen en de wegbeheerders, en loopt de landbouw aan tegen beperkingen in de bedrijfsvoering waardoor het bedrijfsrendement daalt en het toekomstperspectief van de landbouw verslechtert. Uit een artikel op Boerderij.nl blijkt dat ontwatering bovendien leidt tot verdroging van natuurgebieden en daardoor druk op de biodiversiteit: door de daling van omliggende landbouwgebieden zijgt water uit de hoger gelegen natuurgebieden weg. Dit gebeurt al bij delen van Groot-Mijdrecht en in de polders bij Moordrecht.


Wie is verantwoordelijk voor de bodemdaling?

Het is niet duidelijk wie er verantwoordelijk is voor het verzakken van een woning door steeds lager wordende bodem. Het waterschap schijnt niet direct verantwoordelijk te zijn voor de grondwaterstand, maar alleen voor het oppervlaktewater. Particuliere woningeigenaren hebben hierop geen invloed, maar ondervinden wel de financiële gevolgen, die niet worden gecompenseerd omdat waterschappen en gemeenten naar elkaar wijzen, zo omschrijft de SGP dit in hun verkiezingsprogramma.

De unie van Waterschappen neemt geen verantwoordelijkheid om besluiten over de bodemdaling te nemen. Een van hun bestuursleden, Dirk-Siert Schoonman, zegt in 2018: “Het beleid van automatisch zakken is voorbij. Wij hebben de kennis om aan te geven welke veenweidegebieden wél of niet nog decennia vooruit kunnen. Daarmee kunnen we de discussie openbreken. Maar het is niet aan ons om er besluiten over te nemen.”

Woordvoerder Clarion Wegerif van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden is genuanceerder. Zij vertelt dat het Hoogheemraadschap wel degelijk rekening houdt met de bodemdaling. Het bestuur van het Hoogheemraadschap neemt namelijk zogeheten peilbesluiten. Dit zijn een soort bestemmingsplannen voor het waterpeil. Zo een besluit is 10 jaar geldig. Belang-hebben¬den kunnen net als bij een bestemmingsplan zienswijzen indien en eventueel bezwaar maken tegen zo een besluit bij de Raad van State. Bij het vaststellen van een peilbesluit moet het bestuur van het Hoogheemraadschap rekening houden met alle belangen en een afweging maken tussen de belangen van de landbouw, de natuur en die van bewoners van woningen. En in het bestuur van het waterschap zitten mensen die gekozen worden tijdens de waterschapsverkiezingen. Zo kunnen de inwoners van Woerden dus invloed uitoefenen op de peilbesluiten.

Gemeenten hebben volgens minister Minister Van Nieuwenhuizen Wijbenga een grondwaterzorgplicht, die betekent dat de gemeente in openbaar gebied maatregelen moet treffen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand zo veel mogelijk te voorkomen of te beperken. Maar de gemeente lijkt geen verplichtingen te hebben om te zorgen voor individuele woningen.

De eigenaar van een woning kan zelf de grondwaterstand niet beïnvloeden, maar mogelijk draait hij of zij wel op voor de kosten van het herstel als het huis verzakt. Die kosten kunnen oplopen tot wel een halve ton per woning, aldus het hierboven benoemde artikel in NRC Handelsblad. Landelijk kunnen de kosten voor herstel van funderingen oplopen tot €16 miljard, een getal afkomstig van Minister Van Nieuwenhuizen.


Wat is er tegen bodemdaling te doen?

Er lopen verschillende proeven om bodemdaling tegen te gaan. Kant en klare oplossingen zijn er op dit moment niet, behalve het hoog houden van het waterpeil en accepteren dat weilanden af en toe onderlopen. Hieronder een aantal mogelijkheden.

  1. Onderwaterdrainage. Kees van Kranenburg, kandidaat voor het waterschap namens de ChristenUnie vertelt aan RPL over het systeem van onderwaterdrainage waarvoor momenteel een pilot loopt. Onderwaterdrainage betekent dat er in weilanden buizen in de bodem gelegd worden, onder het grondwaterpeil. Die buizen worden gebruikt om het water van het oppervlak van het weiland naar de sloot te pompen. Daarmee wordt het oppervlak droger, maar blijft het grondwater op hetzelfde peil. Of dit een goede oplossing is blijkt uit de pilot, die nog 2-3 jaar doorloopt. Het toepassen van onderwaterdrainage is echter geen totaaloplossing. Het halveert volgens het Planbureau voor de Leefomgeving de bodemdaling, dat wil zeggen dat deze doorgaat, maar langzamer. De opbrengst van de grond voor de landbouw blijft bij de toepassing van onderwaterdrainage gelijk. Deze maatregel is volgens het Planbureau van de Leefomgeving geschikt voor minstens 40 procent van de veengronden, dus in elk geval niet overal. Van Kranenburg zegt het aanbrengen van onderwaterdrainage een dure oplossing is voor agrariërs, waarvoor zij zelf waarschijnlijk niet de kosten kunnen opbrengen. Bij Driebruggen experimenteren melkveehouders met deze techniek. Ze leggen volgens een artikel uit november 2018 in de Volkskrant samen met HDSR 450 kilometer aan buizen aan. HDSR heeft voor dit experiment subsidie gekregen van de Rijksoverheid.
  2. Actief grondwaterpeilbeheer, ook wel drukdrainage genoemd. Dit wordt beschreven door Deltares en is toepasbaar op wijkniveau. HDSR ondersteunt een experiment hiermee bij een agrarisch bedrijf. Ook hiervoor moet een stelsel van buizen in de bodem worden aangelegd. In droge periodes stroomt oppervlaktewater door een stelsel van leidingen, dat vervolgens het water afgeeft aan de bodem. Het grondwaterpeil stijgt. In natte periodes werkt het systeem omgekeerd: overtollig regenwater vloeit via de leidingen naar het oppervlaktewater. Het grondwaterpeil zakt. Het proces kan automatisch verlopen, via een sensor die de actuele stand van het grondwater meet, waarna de pompen aan de gang gaan.
  3. Peilfixatie, ook wel passieve vernatting genoemd: het peil wordt vastgezet op een vast peil, de graslanden worden geleidelijk natter, en de veehouderij moet dan minder intensief worden. Dit halveert net als onderwaterdrainage de bodemdaling, zo stelt het Planbureau voor de Leefomgeving. 
  4. Stoppen met landbouw. Op sommige plaatsen in Nederland is dat al aan de orde. Het Planbureau beschrijft dat het waterpeil daar niet verder meer omlaag kan, omdat dan de veenlaag open zou barsten, waardoor het zoute grondwater de sloten gaat inloopt. Hoogheemraad Bernard de Jong zegt in een interview met RPL Woerden dat dit voor het gebied rond Woerden niet aan de orde is. Er kan nog generaties lang worden doorgegaan met het huidige beleid.
  5. Ander landgebruik, functieverandering naar natuur of naar natte landbouw. Dit kan er ook voor zorgen dat het waterpeil niet meer omlaag hoeft. Men denkt aan het telen van andere gewassen dan gras voor koeien, gewassen die in een moerasgebied kunnen overleven. Of geen landbouw meer, maar het gebied omvormen tot natuurgebied. Dit kan volgens het Planbureau de bodemdaling volledig stoppen.

Maatregelen tegen de gevolgen van bodemdaling in stedelijke gebied worden bijvoorbeeld overwogen door de gemeente Gouda:

  1. Hoog Houden. Alle panden en de bovengrondse en ondergrondse infrastructuur worden op dezelfde hoogte gehouden met behulp van funderingen.
  2. Laten Zakken. Meebewegen met de bodemdaling, en adaptieve maatregelen nemen om de schade zoveel mogelijk beperken.

Verkiezingen voor het waterschap

Op 20 maart 2019 zijn er verkiezingen voor de leden van Provinciale Staten en voor het bestuur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden. Dat is een kans voor de inwoners van Woerden om na te denken of zij bodemdaling een belangrijk thema voor deze verkiezingen vinden. En om mee te nemen bij hun keus voor een bepaalde partij of persoon om te stemmen. RPL Woerden heeft daarom de inhoud van de verkiezingsprogramma’s op dit onderwerp in kaart gebracht.

Hoe ziet het huidige bestuur eruit?

Het algemeen bestuur is het hoogste beslisorgaan van het waterschap. Het zet beleid uit en neemt beslissingen. Het algemeen bestuur bestaat uit de dijkgraaf en 30 leden. Van de 30 zetels zijn er minimaal 7 geborgd, wat inhoudt dat deze niet verkiesbaar zijn. Deze worden toegewezen aan vertegenwoordigers van verschillende groeperingen (3 zetels voor agrariërs, 2 zetels voor het bedrijfsleven en 2 zetels voor Bos- en Natuureigenaren)

In het bestuur zitten sinds 23 maart 2015 negen politieke partijen als volgt:

  • Water Natuurlijk (6 zetels)
  • VVD (4 zetels)
  • CDA (3 zetels)
  • PvdA (3 zetels)
  • Partij voor de Dieren (3 zetels)
  • Waterschap@Inwonersbelangen (1 zetel)
  • Algemene Waterschapspartij (1 zetel)
  • ChristenUnie (1 zetel)
  • SGP (1 zetel)

Uit de verkiezingsprogramma’s

 waterschapsverkiezingstandpunten


1. Water Natuurlijk (momenteel 6 zetels)
Deze partij deed al eerder mee met de waterschapsverkiezingen. In het huidige programma zegt de partij het niet langer vanzelfsprekend te vinden dat het waterpeil de bodemdaling volgt. De partij heeft volgens eigen zeggen al een aantal zaken bereikt de vorige periode, onder meer een verbrede aanpak voor bodemdaling. De komende periode wil de partij onder meer waterbergingsgebieden in het landelijk gebied inrichten, zodat iedere polder een eigen buffer krijgt. Ook wil de partij dat bij het nemen van peilbesluiten de gevolgen voor klimaat en bodemdaling standaard worden meegewogen.


2. VVD (momenteel 4 zetels)
De VVD wil in zijn programma voor de HDSR verkiezingen een waterschap dat zich op bedrijfseconomische en maatschappelijk verantwoorde wijze inzet voor het bestrijden van onder andere de bodemdaling. De partij wil vooral dat het waterschap bodemdalingpilots uitvoert en maakt verder nog geen keuzes.

3. CDA (momenteel 3 zetels)
Het CDA zet in op samenwerking. In hun programma voor Provinciale staten staat dat het CDA zich inzet voor optimale samenwerking met waterschappen voor een duurzaam en toekomstbestendig waterbeheer. In hun programma voor de waterschapsverkiezingen zegt het CDA dat het waterschap het voortouw moet nemen bij het verminderen van de bodemdaling, omdat het peilbeheer daarvoor heel belangrijk is. Hoe dat concreet vormgegeven moet worden zegt het CDA niet. En het CDA wijst in dit programma vooral naar andere partijen; gemeenten, provincies en het rijk moeten optimale randvoorwaarden scheppen. Welke dat zijn is niet duidelijk uit het programma.

4. PvdA (momenteel 3 zetels)
Deze partij neemt weinig stelling. Het peilbeheer moet volgens het programma niet alleen aansluiten op de wensen van de landbouw, maar ook op de belangen van natuur en cultuurhistorie en het tegengaan van bodemdaling. Dit kan volgens de partij een ander soort landbouw, namelijk meer natte teelt, met zich meebrengen.


5. Partij voor de Dieren (momenteel 3 zetels)
De Partij voor de Dieren wil dat Nederland zijn klimaatdoelen haalt. Daarvoor moet de bodemdaling in veenweidegebieden gestopt en waar mogelijk omgekeerd worden. Veendaling en -verdichting gaan, naast verschraling van het landschap en achteruitgang van de biodiversiteit, gepaard met grote maatschappelijke kosten: dijkonderhoud, dijkverzwaringen, méér pompen, méér wegonderhoud en schadeclaims van huiseigenaren. De Partij voor de Dieren stelt dat peilbeheer gericht moet zijn op maatschappelijk verantwoord peilbeheer. Dit betekent een overgang naar dynamische waterpeilen, in plaats van een strak zomer- en winterpeil. Het waterschap stopt met het koste wat kost behouden van kunstmatig gecreëerde grasweilanden; ‘groene woestijnen’, die enkel in dienst staan van de vee-industrie. In plaats daarvan wordt gekeken naar andere landbouwmethoden die een hoger waterpeil aankunnen of omzetting naar natuur. Dit in overleg met de provincie.

  • Bodemdaling kan worden gestopt en CO2 vastgelegd door het veen nat te houden. Dan stopt de veenafbraak, omdat er geen zuurstof meer bij komt en vormt zich zelfs weer nieuw veen.
  • Om bodemdaling in veenweidegebieden tegen te gaan, streeft het waterschap naar
    vergroting van de peilgebieden, waterpeilverhoging in droge gebieden, flexibele peilen en onderwaterdrainage.

6. Waterschap@Inwonersbelangen (momenteel 1 zetel)
Deze partij wenst in zijn programma een uitgekiende bemaling die is gericht op de instandhouding van de waterpeilen in het gebied en die bodemdaling tegengaat en noemt verder:
• voorkomen van verdroging en verzakking van woningen
• onder water drainage in veenweidegebied kan daar een goede bijdrage leveren.
• bevordering van de waarden van natuur en landschap

7. Algemene Waterschapspartij (momenteel 1 zetel)
Bodemdaling moet stoppen, vindt deze partij. In bestaande situaties moet het vermijden van verdere inklinking van de bodem het uitgangspunt voor het peilbeheer zijn. De AWP vindt dat de waterschappen zéér terughoudend moeten zijn met peilverlagingen, zowel in stedelijk gebied als in het buitengebied. Bodemdaling door ontwatering is onomkeerbaar. Om oxidatie van het veen tegen te gaan is er de mogelijkheid van zogenaamde onder water drainage: geen drainage om het land droog te houden maar juist om het nat te houden.

8. Christen Unie (momenteel 1 zetel)
De ChristenUnie vindt dat de bodemdaling gestopt moet worden, vanwege de hoge kosten en milieubelasting en stelt dat bodemdaling kan worden tegengegaan door het waterpeil te verhogen of te fixeren. Maar de partij maakt op dit moment nog geen duidelijke keuze. De ChristenUnie vindt dat het hoogheemraadschap ruimhartig moet deelnemen aan pilots met als doel de bodemdaling te stoppen, zoals de pilot met onderwaterdrainage. De kosten van onderwaterdrainage zijn echter heel hoog en waarschijnlijk niet te dragen voor een agrariër. Volgens de ChristenUnie zou de Rijksoverheid moeten inspringen voor de kosten van zo een systeem.
De partij wil schoon regenwater in woonwijken opvangen en door middel van infiltratie vasthouden in de bodem.

9. SGP (momenteel 1 zetel)
De SGP vindt dat er duidelijkheid moet komen over de verantwoordelijkheid voor de grondwaterstand in een bepaald gebied. Dit moet leiden tot een gedeelde plicht tot financiële tegemoetkoming of compensatie voor woningeigenaren die door de wisselende grondwaterstand te maken krijgen met paalrot.

10. 50Plus (momenteel geen zetels)
Spreekt niet over bodemdaling in het programma.

 

 

Zoeken

Nieuwe RPL studio

radiostudioDe verbouwing en renovatie van de studio is financieel mogelijk gemaakt door:

Van der Wel-IJff fonds
VSB fonds Woerden
Rabobank Rijn en Veenstromen
Lions Club Woerden Castellum Laurum
Gemeente Woerden
Vios vastgoed BV
J. Pool beheer BV
Praxis Woerden

Ga naar live TV

rpl tv logo

Nieuwsbrief

Advertenties